NBBI en Horus sturen brief aan de informateurs

Meer ruimte voor bewindvoerders, mentoren en curatoren om hun clienten te kunnen ondersteunen, een hoger uurtarief en een verschuiving van de financiering van beschermingsbewinden vanuit de Bijzondere Bijstand naar de begroting van het ministerie van Justitie & Veiligheid (Raad voor de Rechtsbijstand). Dat zijn enkele voorstellen die NBBI en Horus doen in een brief aan de informateurs Van Zwol en Dijkgraaf.

“Steeds meer mensen hebben moeite om rond te komen, onder meer door hoge(re) vaste lasten en duurdere boodschappen”, aldus de brief. “Sommige mensen zijn vanwege een fysieke en/of mentale beperking überhaupt niet in staat om hun financiële zaken zelfstandig te beheren. Het idee van zelfredzaamheid is voor een deel van deze doelgroep onrealistisch en onhaalbaar.” Voor deze doelgroep bestaat er daarom een beschermingsbewind, waarbij een onafhankelijke en onpartijdige rechter de rechtsbescherming van deze kwetsbare mensen borgt.

Rolverdeling

De huidige rolverdeling tussen rechters, gemeenten en bewindvoerders functioneert goed, concluderen NBBI en Horus. Daarom voelen zij weinig voor een stelselwijziging waarin de gemeenten de regie of zelfs de uitvoering naar zich toetrekken. Dat wringt alleen al met het feit dat de gemeente vaak tot de grootste crediteuren behoort waardoor een verstrengeling van belangen kan ontstaan. De brancheorganisaties spreken zich wel uit voor betere samenwerking tussen gemeenten en bewindvoerders, bijvoorbeeld door convenanten af te sluiten. Daarnaast willen NBBI en Horus dat er andere kwaliteitsstandaarden komen en het toezicht wordt aangescherpt. Incidenten zijn in de sector komen gelukkig weinig voor maar dat wil niet zeggen dat er geen ruimte is voor verbetering.

Prominent

“Wij zijn ervan overtuigd dat bestaanszekerheid en de (rechts)bescherming van kwetsbare mensen in onze samenleving een prominente plek krijgen in de plannen van het nieuwe kabinet”, aldus NBBI en Horus. “Daarom hopen wij dat onze aanbevelingen in deze brief tijdens de formatiebesprekingen zullen worden meegenomen.”